Kritiek op Maslow

Hoewel we overtuigd zijn van de grote betekenis van Maslow, hebben we op deze site toch een plek ingeruimd waar -uiterst beknopt- kennis genomen kan worden van de kritiek die er op de theorie van Maslow binnen de psychologie gekomen is.

Algemene kritiek
In bedektere termen is deze kritiek al naar voren gekomen op de pagina 'plek in de psychologie'. Daar werd al aangegeven hoe Gerard Egan (1986), wiens werk binnen de counselling als toonaangevend geldt, zich op veel onderdelen van de theorie van Maslow heeft verwijderd.

Kritiek op zelfactualisatie
Kritiek op Maslow lijkt zich vooral te richten op de omschrijvingen die hij geeft van de hoogste laag van de piramide: de zelfverwerkelijking of zelfactualisatie. Deze omschrijving wordt te vaag gevonden en de invloed en omvang daarvan wordt bekritiseerd als "moeilijk objectief te bewijzen" (Gleitman, 1991).

Kritiek op Maslow's historische voorbeelden
Een ander punt van de theorie van Maslow waar kritiek op gekomen is, betreft de personen die hij bestudeerd heeft als voorbeelden van "selfactualizers", dus personen die gekomen zijn tot de fase van zelfverwerkelijking.
Naast mensen in zin eigen omgeving heeft hij in dit kader ook een aantal historische figuren bestudeerd.
Maar: waren de criteria op grond waarvan hij deze personen koos, wel objectief genoeg? Voorbeelden van Maslow zijn: Thomas Jefferson, Abraham Lincoln, Eleanor Roosevelt en Albert Einstein. De meeste mensen zullen er mee instemmen dat van deze personen gezegd moet worden dat ze tot "zelfontplooiing" zijn gekomen en hun gaven en mogelijkheden hebben ingezet.
Maar kan hetzelfde niet gezegd worden van historische figuren die we om dezelfde reden verafschuwen en zelfs als "monsters" betitelen?
Als voorbeelden kunnen genoemd worden: Al Capone, Napoleon, of zelfs -met enige aarzeling- Hitler.
Zouden deze mensen ook niet op een bepaald punt in hun leven aangegeven hebben dat ze tot volledige zelfverwerkelijking waren gekomen? Bijvoorbeeld tenminste tot aan respectievelijk: Alcatraz, St. Helena of de Berlijnse bunker?

Groei: alleen positief?
Maslow heeft zijn uitgangspunt positief gekozen: persoonlijke groei is altijd positief. Daardoor heeft hij de laatst genoemde historische figuren uitgesloten van de groep "selfactualizers".
De vraag is of dit terecht is. Is groei alleen positief te duiden? Geef een rozenstekje water, vruchtbare grond en zon, en er zal zich inderdaad een roos kunnen ontwikkelen.
Maar wat als het stekje een distel blijkt? Betekent dan de zelfverwerkelijking van het stekje niet dat er een grote distel voortgebracht wordt?

Humanistische psychologie: slechts protestbeweging?
Een andere stroming binnen de psychologie heeft het werk van de humanistische psychologie, afgezien van Rogers' praktische betekenis voor o.a. counselling, vooral gezien als een "protestbeweging". Een beweging die de psychoanalyse en het behaviorisme ertoe dwong om de verschillende kanten van de menselijke persoonlijkheid serieus te nemen en niet te snel in te kaderen. De beweging vroeg vooral aandacht om - bij alle wetenschappelijke benadering - de unieke menselijke veelzijdigheid daarvan niet uit beeld te verliezen, maar om haar, met al haar positieve ervaringen en verschijningsvormen, als voluit menselijk in beeld te laten blijven. Juist door de voluit wetenschappelijk benadering van behaviorisme en psychoanalye bestond bij deze stromingen het gevaar dat de menselijke persoonlijkheid te steriel benaderd zou worden. De mens zou in deze psychologische stromingen benaderd worden als een willoze 'marionet', die bewogen en geleid wordt door krachten van binnenuit en van buitenaf. De humanistische psychologie zorgt in deze visie voor een zeer gewenste correctie. Een correctie die voor een groot deel te danken is aan Maslow (Gleitman, 1991).

Andere punten van kritiek, kort aangeduid
Het onderzoek van Maslow vond plaats in 1936.
Hoewel de leer van Maslow, en daarbij vooral zijn behoeftepiramide, veel navolging heeft gekregen, lijken de uitgangspunten van zijn onderzoek vaak te weinig kritisch benaderd.

  • In 1962 schreef Maslow zelf: "Het is nu 20 jaar geleden dat ik mijn onderzoek deed en al die tijd heeft niemand het onderzoek herhaald, getoetst, dan wel geanalyseerd of bekritiseerd. De theorie wordt, met hoogstens hier en daar een minuscule wijziging, in haar geheel geďmplementeerd."
  • De mensen die als onderzoekspersonen meededen waren vrijwilligers. Een groot deel ervan werd gevormd door kennissen van Maslow en een - zeker voor die tijd - groot gedeelte was academisch gevormde vrouwen.
  • In de westerse maatschappij van Noord-Amerika in 1936 was het algemeen geaccepteerd om uit te gaan van de dominantie van een kleine, elitaire groep.
  • Wat betreft de zelfactualisatie dacht Maslow dat dit slechts bereikbaar was voor een zeer kleine groep in de (door hem onderzochte) maatschappij.
Door de grote toename van o.a. welvaart en onderwijsmogelijkheden, is zelfverwerkelijking echter voor een veel bredere laag van de bevolking mogelijk geworden.
Toch hanteert men veelal de leer van Maslow op het punt van zelfactualisatie en de motivatie om dit te bereiken alsof er nog steeds sprake is van een kleine elitaire groep. Dit is bijvoorbeeld het geval als we kijken naar veel stijlen van management. Zie voor een uitwerking hiervan bijvoorbeeld: Maslow en burn-out en Cullen.