Humanistische psychologie

Maslow wordt binnen de psychologie ingedeeld bij de zgn. "derde stroming": de humanistische psychologie.
Deze stroming werd in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw belangrijk naast de twee al bestaande richtingen in de psychologie: behaviourisme en psychoanalyse.

Zoals uit de beschrijving van het leven en werk van Maslow al bleek is een belangrijk punt in zijn werk dat hij uitgaat van de overtuiging dat ieder mens een innerlijke groei door wil maken en wil komen tot zelfontplooiing.
Op dat punt, zo wordt gezegd, wijkt hij af van de psychoanalytische benadering, waarbij de mens een meer passieve rol wordt toegekend.
Maslow gaat uit van een vaste persoonlijke basis van waaruit de persoon reageert op zijn omgeving, of sterker nog: van waaruit hij zijn sociale, natuurlijke en artificiŽle omgeving construeert.
De theorie van Maslow gaat ervan uit dat de mens gedragsdisposities (persoonlijkheid?) aanleert en dat de omgeving een mens "kneedt" tot een "persoon", dat de persoon tot op zekere hoogte nog veranderbaar is, en zelfs dat de persoon per situatie "iemand anders" is.
Dit wordt de persoonsgerichte aanpak genoemd ("humanistic approach" of "humanistische persoonlijkheidstheorie").

Maslow gaat uit van een positieve visie op mensen en hij meent dat alle mensen zich gedragen om natuurlijke behoeften te realiseren. Elk psychologisch niveau hangt volgens Maslow samen met sociale situaties.
Een karaktertrek definieert niet een aangeboren stabiel deel van de persoon, maar is een product van een omgevingsinvloed, die al dan niet blijvend is. De "persoon" is als het ware voor te stellen als een lege huls.
De omgeving brengt hem ertoe bepaalde rollen te gaan spelen, welke rollen per situatie kunnen verschillen.

De meest representatieve vertegenwoordiger van de humanistische psychologie is naast Maslow, Carl Rogers.

Carl Rogers
Carl Rogers (1902-1987) heeft zijn persoonlijkheidstheorie vooral uitgewerkt in een vorm van therapie die we de "client-centered therapy" noemen. Een belangrijk kenmerk hiervan is dat de therapeutisch volstrekt probeert te onthouden van het "dirigeren" (sturen) van de cliŽnt. Vandaar de term: non-directief.
Iemand met een zelfrealisatieprobleem moet worden geholpen zijn omgeving zo te interpreteren en naar zijn hand te zetten, dat er geen probleem meer is voor de cliŽnt. De therapeut doet dat niet voor hem (zie Diekstra).
Carl Rogers is van groot belang geweest voor de ontwikkeling van de counselling.
Voor meer info over het leven en werk van Carl Rogers: zie o.a. McAdams.

Charlotte Buhler
Door het werk van Carl Rogers kwam er binnen de stroming van de humanistische psychologie een stroming die persoonsgerichte counselling genoemd wordt.
Omdat zowel Maslow en Rogers uitgingen van (vooral) de noordamerikaanse situatie, met een behoorlijke welvaart, kreeg men steeds meer oog voor het de persoonlijk, unieke geschiedenis van ieder mens.
Als gevolg daarvan ging men steeds meer aandacht besteden aan iemands geschiedenis of levensloop. In iedere levensloop is er sprake van bepaalde overgangsperioden. Hierin kan sprake zijn van crisismomenten. In deze kritische perioden worden beslissingen genomen die zowel een positieve als negatieve uitwerking kunnen hebben. In een counselling relatie kan het levensverhaal van de cliŽnt dan tot meer diepgang leiden. Een counsellor doet er goed aan kennis te nemen van feiten en gebeurtenissen in het leven van een cliŽnt en van de gedachten en gevoelens die daarbij horen. Dat kan de counsellor meer inzicht geven in de actuele levenssituatie van de cliŽnt. Charlotte Buhler wordt gezien als de grondlegster van deze ontwikkeling. Haar inbreng kunnen we kenschetsen als een waardevolle correctie van de toepasbaarheid van Maslow en Rogers in het geheel van de counselling.
Voor meer informatie over haar: http://www.webster.edu/~woolflm/charlottebuhler.html

Gerard Egan
Omdat Gerard Egan door zijn werk: "Deskundig hulpverlenen" (1986) op het moment waarschijnlijk de meest geciteerde auteur is op het gebied van counselling, kan hij op deze site eigenlijk niet ontbreken. Hoewel hij in zijn hulpverleningsmodel lijkt aan te sluiten bij Rogers ("client centered therapy") toont hij in zijn model en de toepassing daarvan duidelijk behaviouristische trekken. Het zal duidelijk zijn dat hij zich daardoor gedistantieerd heeft van Maslow en Rogers die met hun "third force", de humanistische psychologie, zich onderscheidden wilden van de andere twee richtingen in de psychologie: behaviourisme en psychoanalyse.